Er zijn 8 muntstukken in euro ter waarde van 2 en 1 euro en van 50, 20, 10, 5, 2 en 1 eurocent. Ieder muntstuk in euro zal een gemeenschappelijke Europese zijde hebben.
Aan de keerzijde zal iedere lidstaat de muntstukken van een eigen motief voorzien.
Ongeacht het motief, kunnen de muntstukken overal in de 12 lidstaten worden gebruikt.
Zo zal een Fransman in Berlijn een hotdog kunnen kopen met een euro die een afbeelding van de Spaanse koning draagt.
Op de gemeenschappelijke Europese zijde van de muntstukken is een kaart van de Europese Unie afgebeeld tegen een achtergrond van dwarslijnen waaraan de sterren van de Europese vlag zijn bevestigd.
De munten van 1, 2 en 5 cent leggen de nadruk op de plaats van Europa in de wereld, terwijl de munten van 10, 20 en 50 cent de Unie voorstellen als een verzameling naties.
Op de muntstukken van 1 en 2 euro wordt Europa zonder grenzen voorgesteld.
De definitieve ontwerpen werden in juni 1997 goedgekeurd tijdens de bijeenkomst van de Europese Raad te Amsterdam.
Beschikbaarheid:
Euromunten zijn vanaf 1 januari 2002 verkrijgbaar bij banken en winkels. In sommige lidstaten zullen van tevoren minikits verkrijgbaar zijn.